OM niet-ontvankelijk na maatregel alcoholslot

Al eerder liet de rechterlijke macht zich kritisch uit over het beleid waarbij automobilisten sinds 2011 met te veel drank op vanaf 1,3 promille alcohol door het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen standaard een alcoholslotprogramma krijgen opgelegd. Dat verhindert maatwerk, aldus de rechters. Met persoonlijke omstandigheden zoals de hoogte van het inkomen en de vraag of iemand een auto of rijbewijs nodig heeft voor zijn werk, wordt door het CBR geen rekening gehouden.

Het Gerechtshof in Den Haag heeft op 22 september 2014 in drie strafzaken waarin het ging om rijden na gebruik van alcohol, het OM niet-ontvankelijk in de vervolging verklaard. De reden hiervoor is dat er al door het CBR aan de betrokkenen een alcoholslot was opgelegd.

Op grond van de wet is een alcoholslot en het programma dat daaraan verbonden is, geen straf  maar een bestuursrechtelijke maatregel. Het openbaar ministerie mag daarom, ook als die maatregel al is opgelegd, iemand voor hetzelfde feit toch nog strafrechtelijk vervolgen. Het hof heeft nu echter bepaald dat het alcoholslotprogramma een zo ingrijpende maatregel is dat deze gelijk moeten worden gesteld aan een strafrechtelijke maatregel. Het hof heeft hieruit de consequentie getrokken dat, als de maatregel van het CBR is opgelegd, het openbaar ministerie niet meer strafrechtelijk kan vervolgen. Dat zou botsen met het beginsel "ne bis in idem" op grond waarvan iemand niet twee maal voor hetzelfde feit vervolgd mag worden.

Wat mij betreft een moedige uitspraak van het hof! Het is nu afwachten hoe de andere gerechtshoven met deze materie zullen omgaan. Mij is nog niet bekend of het OM beroep in cassatie zal instellen, maar ik houd u vanaf hier op de hoogte.

De volledige uitspraak kunt u hier lezen.